Blog

NIEUWE VERLIESVERREKENINGSREGELS VENNOOTSCHAPSBELASTING

woensdag 9 december 2020
Door Jaap van Ooijen - Fiscaal - jurist

  Per 1 januari 2022 gelden er nieuwe verliesverrekeningsregels in de vennootschapsbelasting (Vpb).
Huidige verliesverrekeningsregels Vpb

Sinds 2019 zijn verliezen in de Vpb één jaar achterwaarts verrekenbaar met een eventueel positief belastbaar bedrag en vervolgens zes jaar voorwaarts verrekenbaar met eventuele positieve belastbare bedragen. Voor nog niet verrekende verliezen uit jaren voor 2019 geldt er thans een overgangsregeling.

Verliesverrekeningsregels Vpb met ingang van 2022

Met ingang van 2022 zijn verliezen tot 1 miljoen euro één jaar achterwaarts verrekenbaar en vervolgens onbeperkt voorwaarts verrekenbaar. Bedraagt het totaalbedrag van de te verrekenen verliezen meer dan 1 miljoen euro, dan vindt de jaarlijkse verliesverrekening plaats tot het maximum van 1 miljoen euro, vermeerderd met 50% van het daarna resterende positieve belastbaar bedrag van dat belastingjaar. 

Voor alle op 31 december 2021 nog niet verrekende verliezen gaat het nieuwe verliesverrekeningsregime gelden.

Rekenvoorbeeld:

Het totaal verlies bedraagt per 2022 € 2.000.000. Het positieve belastbaar bedrag 2022 bedraagt 
€ 1.500.000. In 2021 is er verlies behaald waardoor er als eerste geen achterwaartse verliesverrekening kan plaatsvinden. Vervolgens is er in 2022 een bedrag van € 1.000.000 te verrekenen, te vermeerderen met 50% van het restant van het positieve belastbaar bedrag 2022, te weten 50% van het nog resterende bedrag van € 500.000, per saldo dus een bedrag van € 250.000. Zodoende vindt er in 2022 in zijn totaliteit verliesverrekening plaats ten bedrage van € 1.250.000. 

Het betreft enkel een wijziging in de verliesverrekeningsregels van de vennootschapsbelasting. Voor ondernemers in de inkomstenbelasting blijven de verliesverrekeningsregels zoals ze waren: drie jaar achterwaarts en negen jaar voorwaarts. Ook voor aanmerkelijkbelanghouders in de inkomstenbelasting blijven de verliesverrekeningsregels zoals ze waren: één jaar achterwaarts en zes jaar voorwaarts. 

Het kabinet verdedigt het verschil in de verliesverrekening tussen de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting op basis van de omvang van de verliezen. Hierbij gaan ze uit van de gedachte dat ondernemers en aanmerkelijkbelanghouders geen constante, grote, verliezen zullen lijden. Doorgaans komt een groot verlies van meer dan € 1.000.000 bij ondernemers niet voor en doorgaans bij aanmerkelijkbelanghouders enkel bij de vervreemding van de betreffende aandelen. Hierdoor ziet het kabinet geen noodzaak om de nieuwe verliesverrekeningsregels ook voor de inkomstenbelasting door te voeren. 

Heeft u naar aanleiding hiervan nog vragen? Of heeft u naar aanleiding hiervan ons advies of onze hulp nodig? Voor meer informatie kunt u voor meer natuurlijk ook altijd contact met ons opnemen.

Jaap van Ooijen - Fiscaal - jurist
 

 
Delen op Facebook Delen op Twitter Delen op LinkedIn

Actueel nieuws

Herstelmogelijkheid aanvraag subsidieregeling praktijkleren 2019-2020 De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap biedt werkgevers de mogelijkheid om alsnog subsidie aan
Hoofdlijnen verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen De minister van SZW heeft in een brief aan de Tweede Kamer de hoofdlijnen van een verplichte